Inschrijving voor facturatie

Inschrijving voor facturatie via CareNet

Aan elke instelling die CareNet wenst te gebruiken voor het versturen van facturatiegegevens in de plaats en ter vervanging van magnetische dragers, wordt gevraagd de hierna vermelde procedure te volgen:

Interessante (externe) links

RIZIV - Ziekenhuizen

Een specifiek document invullen waarmee u het NIC in kennis stelt dat de instelling de facturatie wenst te versturen via CareNet.

In dit opzicht houdt de instelling rekening met de mogelijkheden van de betrokken VI's in verband met het uitvoeren van de voorziene testen voor aanvaarding.

De testen zullen plaats vinden met elke verzekeringsinstelling en zullen betrekking hebben op ten minste één facturatiemaand.

Wachten op het antwoord van het NIC dat hetzij de voorgestelde periode zal bevestigen, hetzij een andere periode zal voorstellen in geval van overbelasting op het niveau van de VI's.

De vereiste testen verrichten: deze testen bestaan uit het versturen, aan elke betrokken VI en voor een vooraf bepaalde maand, van de factuur via CareNet, simultaan met de verzending van de overeenkomstige magnetische drager. Deze zending zal een bestand bevatten, dat voldoet aan de vastgelegde structuren (zie hoofdstuk structuur van de bestanden), met name:

  • een header, juist aangevuld waarin in de zone "mgsIdentification" de referentie moet voorafgegaan worden met een "t" voor test

  • de segmenten 100, 200 en 300

  • het eigenlijke facturatiebestand (record 10 tot 90): belangrijk: de zone 4 van record 10 moet de waarde "9991999" bevatten, waardoor aangeduid wordt dat het over een test-facturatie gaat

  • de segmenten 400 en 500 (recordtype 95 en 96).

Daarenboven blijft tijdens de testperiode de magnetische drager de referentiedrager. Er is afgesproken om op de begeleidende borderel van de magnetische drager in het rood en in het grootde vermelding "TESTFASE CARENET" mee te geven om zo de aandacht van de verzekeringsinstellingen te wekken

  • Elke betrokken VI verricht een hele reeks verificaties op de gegevens van de verzamelborderellen (records 95 en 96) alsook de totale overeenstemming tussen de gegevens, verzonden via CareNet en de gegevens die overgemaakt zijn per magnetische drager, die gedurende de testperiode de referentiedrager blijft.

    • In deze fase zal elke VI de voorziene antwoordbestanden terugsturen, uitgezonderd het bestand 920900 (eindafrekening)

    • NB: VI 300 kan in een testomgeving de bestanden 920098 en 920099 niet versturen.

  • Volgens de testprocedure zal de evaluatie van elke VI overgemaakt worden aan het NIC, dat het betrokken ziekenhuis zal informeren over het verdere verloop:

a) hetzij toestemming geven om over te gaan tot de productiefase CareNet voor de overdracht van de facturatie vanaf de volgende maand; dit betekent dat vanaf dat ogenblik alleen het facturatiebestand, overgemaakt via CareNet het referentiebestand is en dat het niet meer nodig is om een magnetische drager noch begeleidingsborderellen te versturen.

Overgaan naar de productiefase CareNet betekent ook dat het onmogelijk is terug te keren naar de procedure "magnetische drager".

b) hetzij een gemotiveerd negatief advies uitbrengen over de gedane testen en aan het ziekenhuis vragen om de testprocedure te herhalen, in principe met de facturatie van de volgende maand, evenwel rekening houdend met de mogelijkheden van de verzekeringsinstellingen.


Opmerking:

Het kan gebeuren dat de facturatiemaand die in aanmerking genomen wordt voor de CareNet-testen geen betrekking heeft op één of andere verzekeringsinstelling. In dat geval, en indien het NIC voor een ziekenhuis de goedkeuring voor Carenet-facturatie geeft op basis van de testen, verricht met de andere VI's, zal deze goedkeuring geldig zijn voor alle verzekeringsinstellingen waarheen het betrokken ziekenhuis de volgende facturatie zal overmaken in de CareNet productiefase